English      
Zoeken  
   |   |   |   |  print   
KNPV
   

Nieuws

GESLOTEN DISCUSSIE: Peter Leendertse - Unieke transitie: niet-chemische gewasbescherming bonst op de deur!

Al decennia houden we ons regelmatig bezig met de vraag of ziekten, plagen en onkruiden ook zonder chemie onder de duim te houden zijn. Ondanks de opkomst en (her-)ontdekking van allerlei niet-chemische technieken (denk aan biologische middelen, UV-licht, cameragestuurde schoffels) en de toenemende aandacht voor bodemgezondheid en biodiversiteit, blijft de overheersende mening dat we niet meer zonder chemie kunnen. Het argument: we hebben de chemische middelen nodig om hoge producties te halen door gewassen te beschermen en de wereld te kunnen voeden. Is deze mening juist of kunnen we op termijn toch zonder chemie? Dit blijft een actuele vraag omdat de chemie ook voortdurend onder druk staat. Denk aan de discussies rond water, bijen, omwonenden en resistente schimmels.

Interessant is het daarbij naar de recente ontwikkelingen buiten de landbouw te kijken. Daar is duidelijk dat de niet-chemische gewasbescherming de nieuwe norm is geworden. De afgelopen jaren heeft een unieke transitie plaatsgevonden rond het beheer van straten en groen. De helft van de gemeenten in Brabant is inmiddels chemievrij, vooral om watervervuiling terug te dringen (www.schoon-water.nl). En staatssecretaris Mansveld heeft per november 2015 een landelijk verbod op chemische middelen op verhardingen ingesteld. Het is inmiddels duidelijk: buiten de landbouw is beheer van ziekten, plagen en onkruid zonder chemische middelen prima mogelijk voor een betaalbare prijs.

Het werkt, dankzij preventie via onkruidwerende verhardingen en dankzij bestrijding via innovatieve technieken zoals heet water en hete lucht, in combinatie met slim vegen. Een mooi voorbeeld van preventie is de Eindhovense aanpak. Zij halen soms stoepen weg waar veel onkruid staat: “Een stoep met onkruid is een stoep te veel, want als de stoep regelmatig belopen wordt, krijgt onkruid geen kans”.

Wat zijn de drijvende krachten rond deze unieke transitie naar niet-chemie? Allereerst is dat een diversiteit aan innovaties in preventie en niet-chemische technieken. Verder zien we slimme beheerders die deze diversiteit benutten in hun gemeenten. En ten derde een overheid die duidelijke keuzes maakt.

De vraag is nu of de landbouw eenzelfde transitie door kan maken. “Nee” was onlangs het antwoord van telers op het Schoon Water-symposium bij de ZLTO in Den Bosch. “De gangbare landbouw heeft chemische middelen nodig om betaalbaar voldoende producten van hoge kwaliteit voor de consument te garanderen”. Vijftien jaar geleden was de overheersende mening in het groen- en verhardingenbeheer: “Het beheer in de gemeenten heeft chemische middelen nodig om betaalbaar voldoende straten zonder onkruid voor de burger te garanderen”. En nu zijn veel steden chemievrij: waar een wil is, is een (chemievrije) weg.

KNPV | 9 april 2014 10:50:20

Reacties gesloten.

Paul van der Zweep

Omdat milieuschade ofwel de kosten om die te voorkomen nog niet worden meegerekend in de kosten voor chemische versus niet-chemische gewasbehandelingen is er nog dietegenstelling. Een dilemma waar de agrarier mee zit en die alleen door de politiek kan worden opgelost. Zie de vergeten oplossing (de ecoprijs) van Erik Broekhuizen.
21-04-2014 09:25:11

Orgentis. Koos van Rijn

Er is veel meer mogelijk dan men denkt, het loslaten van traditionele wijze van behandelen blijft moeilijk, men teelt op zeker (?). Ik houd mij op professionele wijze met gezond telen ( m.n. Inde glas tuinbouw) op basis van bodemdiversiteit, de resultaten zijn verrassend.
19-04-2014 16:30:50

Jaap van Wenum

Er is een cruciaal verschil tussen gemeenten en de landbouw. Gemeenten berekenen de kosten door naar de burger. Chemisch of niet chemisch is een poltiek besluit en de burger betaalt. Een agrarier kan de kosten niet doorberekenen.
Verder blijven die tegels wel liggen als je stopt met spuiten. Aardappels doen dat niet. Een mislukte tegelbescherming kost hooguit een extra bestrijding. Een mislukte aardappelteelt kost je je inkomen.
Toch is er veel meer mogelijk om de afhankelijkheid van risicovolle chemie te verminderen. Het streven naar chemievrij moet daarbij ondergeschikt zijn aan het streven naar risicovrij.
16-04-2014 18:33:28

Vincent Bijman

Als procucent van smaaktomaten ziet RedStar kans om gifvrij te telen. Wij zien dat de supermarketen en actoren zijn die hierin actief sturen op een verantwoordelelijker manier van product met in achtneming van de milieu en gezondheid van de consument. Omdat we telen en verpakken in een bedrijf zien wij dat 'naturally protected' steeds belangrijker wordt en onderdeel wordt van een kwaliteitsproduct. via certificering borgen we onze ambities. Alleen is de uitdaging nog hoe de consument over te halen om meer te betalen voor een eerlijk en heerlijk product. De overheid werkt ook niet mee aan de verduurzaming van de biologische alternatieven door starre en verouderde wetgeving.
Als koploper werk ik met verschillende bedrijven samen om te voldoen aan een duurzaam teelt met steun van technologie en milieu vriendelijke producten, waaronder natuurlijke belagers. We zullen wel onze visie moeten aan passen en meer proactief gaan handelen omdat de correctie marges kleiner worden. Het is een uitdagend manier om invulling te geven aan je beroep en geeft me veel voldoening om hier een bijdrage in te mogen leveren.
16-04-2014 18:20:13

Rogier Doornbos

Bestrijding van ziekten en plagen zijn gebaseerd op het principe van geintegreerde bestrijding: Preventie - niet chemisch - chemisch... Dit geldt voor de landbouw, maar ook voor buiten de landbouw. Het is een goede zaak dat buiten de landbouw vandaag de dag meer aandacht is voor preventie (zoals het verwijderen van niet gebruikte bestrating maar ook het voeren van een degelijk veegbeleid), maar de praktijk wijst uit dat de chemische component nodig blijft. Dit geldt ook voor de bestrijding van onkruid op verhardingen; verschillende Brabantse gemeenten blijken na 10 jaar van niet chemisch beheer weer gebruik te moeten maken van een methode die ook werkzaam is op de wortels van onkruiden. De wortelpakketten onder het trottoir blijken in de loop van tijd dermate groot te zijn geworden dat er niet meer tegenop valt te borstelen/branden/fohnen.
Onze huidige samenleving, waar veel mensen dicht op elkaar wonen, is gevoelig voor ziekten en plagen. Dit geldt voor zowel binnen als ook voor buiten de landbouw. Centrale vraag is hierbij wat wij als gemeenschap bereid zijn om te betalen, want chemische beheermethode van ziekten en plagen blijven een kosteneffectieve oplossing. Een verstandig wegbeheerder zal methodes afwisselen, dus een combinatie van beide... De inzet van toegelaten middelen is immers een essentieel onderdeel van geintegreerde bestrijding.
16-04-2014 15:07:55

Bert Rijk

wanneer we een chemieloze plantenteelt nastreven zal er meer grond nodig zijn voor hetzelfde productievolume(zie o.a. De Ponti et al 2012). De vraag is dus of we dit met z'n allen willen; willen we gronden met andere bestemmingen zoals natuur, recreatie e.d. opofferen voor gewassen? En wat is de duurzaamheid (denk aan CO2-uitstoot, schade aan verharding door borstels e.d.) van de innovatieve onkruidbestrijdingsmethoden in de gemeentes, ook al heb je geen afspoeling van gewasbeschermingsmiddelen. En eerlijk gezegd vind ik het er niet altijd netter op geworden in die gemeentes die chemieloos onkruid bestrijden. Tja en een rommelige omgeving kan een uitnodiging zijn om nog meer rommel te laten rondslingeren (en wie ruimt dat dan weer op?).
16-04-2014 13:03:48

Terug

Inloggen
gebruikersnaam
wachtwoord
Wachtwoord vergeten?
 
Verenigingsblad
 

Het verenigingsblad van de
KNPV verschijnt zes maal
per jaar en omvat per
jaargang minimaal
250 pagina`s.

Lees meer

Powered by Allegro